- "Ben jij die jongen die die stukjes in de krant schrijft over de training."
Edgar Davids trekt er geen vriendelijk gezicht bij, na de laatste wedstrijd die hij ooit voor Ajax heeft gespeeld.
- "Ik vraag me af of je wel komt kijken. Jij ziet dingen die er niet zijn."
Ik vraag of hij een voorbeeld heeft. Davids heeft geen zin om er verder over te praten. Hij denkt zelfs dat ik een bril nodig heb. Ik ga er verder niet op in. Ik wil nog enkele quotes van hem scoren over de wedstrijd. Ik bijt op mijn tong. Stel wat vragen. Krijg ook antwoord. Over voetbal wil Davids altijd wel praten. Maar wel op zijn voorwaarden. En vaak met een verontwaardigde blik. Achterdochtig ook. Neerbuigend soms. Als journalist moet je er maar niet teveel van aantrekken. Bovendien, met zo goed als alle andere voetballers van Ajax, of welke club dan ook, is het doorgaans prima werken. Het kan niet altijd feest zijn. Part of the job.
Als Davids zijn tas pakt, vraag ik hem toch nog om een voorbeeld te geven. Ik wil de discussie wel aan. Immers, ik ga bijna elke dag naar Ajax. Kijk naar de training. Schrijf daar over in de krant. Het Parool. Interpretaties zijn er volop, maar worden nooit als feiten gepresenteerd.
Davids houdt er een andere mening op na. Begint daar zelf over. Een keertje over mijn werk praten; fijn, schiet er door mijn hoofd. Maar Davids wil geen voorbeeld geven. Of hij heeft er geen paraat. Ik denk alleen maar: "Jij leest dus mijn stukjes. Dat vind ik eigenlijk wel leuk."
Met een tevreden gevoel, reis ik af naar de krant.
Dat was vorig jaar, na de wedstrijd tegen FC Twente. Ik dacht daarna nooit meer over Edgar Davids te moeten schrijven. Vond zelfs: "Die jongen verdient nu een leven uit de schijnwerper. Volgens mij heeft hij er ook behoefte aan." Vanuit die gedachte, moest ik daarom even twijfelen, om alsnog over Davids te schrijven, toen ik deze week hoorde dat hij met de amateurs van AFC trainde. Bij dezelfde club, waar ik voetbal, maar dan op zaterdag. Daarom was ik Davids nog niet tegengekomen.
Maar goed. Het journalistiek hart klopt. Davids was verdwenen, zonder dat hij officieel afscheid had genomen van een leven als profvoetballer. Als ik me niet vergis. Dat hij dan weer op een Amsterdams kunstgrasveld traint, is nieuws. Hoe triviaal sommigen dat ook vinden, een Ajax- en voetbalfan – zeker uit Amsterdam – wil dat weten. Dus schreef ik er toch over in mijn column in Het Parool.

Dat kan op veel manieren.
Ik had kunnen vertellen dat Edgar Davids in eerste instantie niet heel veel indruk maakte op zijn tijdelijke ploeggenoten, totdat hij in de kleedkamer zijn shirt uittrok en duidelijk werd dat hij met tien kilo extra had getraind. In de vorm van gewichten, hangend om zijn brede torso. Dat verklaarde het een en ander wel een beetje.
Ik had kunnen vertellen dat Davids zich ook bij AFC ietwat schuw en afstandelijk opstelde tijdens de eerste trainingen. Maar ja, onvriendelijk werd hij nooit. Zelfs niet toen de keeper van AFC hem 'een klootzak' zou hebben genoemd, of zoiets, omdat Davids teveel pingelde, de bal kwijtraakte, met een tegendoelpunt tot gevolg. Wat de keeper precies geroepen heeft, weet ik niet. Ik heb hem gebeld, maar hij nam niet op. Net als de trainer van AFC. En het nummer van Davids heb ik niet. Maar dat Davids op zijn donder kreeg, is zonder meer waar, bleek uit meerdere bronnen. Grappig. Vond ook Davids.
De spelers van AFC zullen thuis heus verteld hebben, dat ze met Davids hebben getraind. Dat er zelfs gefluisterd wordt dat hij misschien ook wedstrijden mee gaat spelen. Maar uiteindelijk blijft iedereen bij AFC er heel erg rustig onder. Ze zijn wel wat gewend. Er strijken wel vaker (ex-)profvoetballers neer.
Tot zover de feiten...
... en dan de interpretatie.
Dus weten ze bij AFC als geen ander: uiteindelijk is Davids gewoon een man, die net als iedereen op de club, van voetballen houdt. Dat zo lang mogelijk wil doen. Omdat het leuk is. En zich dus zorgen maakt over een gemist schot. Over de gezondheid. Over conditie. Over het pijntje in de lies. Maar ook: over de inhoud van de sporttas. Heb ik wel een handdoek bij me? Shit, weer mijn shampoo vergeten. Tering, het water is koud. En weer warm. Dan weer lauw.
Dus schreef ik in mijn column: "Naakt op slippers is iedereen gelijk." De titel van het stuk: "Iedereen gelijk."
Dat is mijn interpretatie van de feiten. Dat doet Edgar Davids waarschijnlijk anders, maar dit is mijn manier.
Voor de liefhebbers, de column van 17/12/2009, zoals verschenen in
Het Parool:
De meesten halen hun schouders op. Ze zijn wel wat gewend bij AFC, de amateurclub aan de Zuidas, het duurste stukje Nederland. Een bekende Nederlander meer of minder; ach, daar wordt even over gesproken. Aan anekdotes geen gebrek. Maar dan gaat het leven gewoon weer door. Bij AFC stroomt uit de douches ook wel eens koud water. Zelfs deze winter, met temperaturen onder nul.
Naakt op slippers is iedereen gelijk.
Zijn komst werd wel even aangekondigd. De trainer zei het in een groepsgesprek. Daarna rolde de bal weer zoals daarvoor. Dat moet ook wel: AFC doet mee om het kampioenschap in de hoofdklasse. Teveel afleiding is niet goed.
Iedereen draagt bij aan het succes. Het bestuur. De technische staf. Aan sponsors geen gebrek aan de De Boelelaan. Maar uiteindelijk zijn het de spelers die het verschil moeten maken. Malcolm Esajas, handige spits. Peter Post, slot op de deur. Broertjes Gehring, cultuurbewakers. Joey Esionye, Said Moumane, ervaren rotten. Zomaar een handjevol namen, die wellicht clubgeschiedenis gaan schrijven.
Maar ook: Raymon van Emmerik, een keeper die in de basis staat omdat hij altijd winnen wil. Bloedfanatiek. Hij laat zich niet afremmen door iemand van naam en faam. Zelfs niet als die persoon Edgar Davids heet. Hij traint sinds kort bij AFC, maar Van Emmerik scheldt hem gewoon verrot, als de ex-Ajacied niet goed speelt, zoals vorige week.
Davids kon er gelukkig wel om lachen.
- "Ousmane, weet jij na hoeveel seconden jij scoorde?"
"Ik weet het niet precies... Hoeveel seconden was?"
- "Drie seconden."
"Zo, dat is snel."
- "Een record in de Jupiler League."
"Zo, dat is historisch."
De commentator noemde hem de man uit Burundi, na het snelste doelpunt van een speler in de Jupiler League ooit. Althans, nadat hij in het veld is gekomen. Het was de 68ste minuut toen Ousmane Sanou voor Top Oss het veld in kwam. Hij kopte direct een corner binnen. Fortuna Sittard werd met 1-0 verslagen, en dus stond Sanou na de wedstrijd met glimmende ogen de pers te woord.
In werkelijkheid komt hij uit Burkina Faso. Sanou is nu dertig. Hij kwam op zijn 17de naar Nederland. Met de A1 van Willem II werd hij ongeslagen kampioen. Hij werd topscorer van de competitie. Hij maakte de overstap naar het eerste elftal. Onder Co Adriaanse groeide hij uit tot supersub, met af en toe een basisplaats. Rechtsbuiten of in de spits. Hij scoorde twee keer in de Champions League. Tegen Bordeaux en Spartak Moskou. Niet de makkelijkste tegenstanders. Na zes jaar Willem II werd zijn contract niet verlengd. Hij ging naar Sparta, dat toen getraind werd door Frank Rijkaard. Dat leek een goede keuze, maar de Rotterdamse ploeg degradeerde voor het eerst in haar geschiedenis. De carriere van de international – die met Burkina Faso ook nog vierde werd in de Afrika Cup – zette een dalende lijn in. Sanou verkaste naar Eindhoven. En daarna naar de amateurs van Kozakken Boys, waar hij werd betrapt op het gebruik van doping. Sanou houdt vol dat er verboden stoffen in zijn lichaam zijn gevonden door het gebruik van een neusspray toen hij verkouden werd. De KNVB oordeelde anders. Na een korte schorsing pikte hij in Belgie de draad weer op, maar het niveau van de competitie was niet om naar huis te schrijven. Plotseling mocht hij op proef bij Top Oss. Speelde een oefenwedstrijd tegen Shalke 04. Ineens weer tussen de wereldtoppers die hij tien jaar eerder al gewend was. En gisteren viel hij dus in tegen Fortuna Sittard. Om geschiedenis te schrijven.
'Papa Goal' is terug op de Nederlandse velden, en daarmee ook de meest ontwapende oogopslag van het profvoetbal. Let op mensen: mijn ex-ploeggenoot bij Willem II is de beste spits met wie ik ooit heb gespeeld. Ik heb het altijd aan iedereen verteld. Nu laat hij zelf het weer zien.
Gelukkig maar.

Het gaat niet goed met Ajax. Drie wedstrijden op rij zonder overwinning. De schreeuw om een spits, nu alleen Dario Cvitanich voor die positie goed genoeg is bevonden. Maar trainer Marco van Basten houdt zijn poot stijf. "Is niet nodig," zegt hij. Ondertussen kijken fans en volgers om zich heen. Wat nou als de Argentijn geblesseerd raakt? Wie moet er dan in de spits? Weer Siem de Jong? Kan niet. Die heeft zijn sleutelbeen gebroken. Evander Sno? Teruggezet naar het tweede, nu weer bij het eerste, maar hij lijkt er niet goed op te staan bij zijn trainer. Leonardo? Zou kunnen. Mocht niet naar Griekenland van Ajax. En wat loopt er in het tweede? Darko Bodul. Hij was afgelopen week al even op het trainingsveld van het eerste elftal. Deed een hersteltraining daar, samen met o.a. Ismail Aissati. Ik heb er een mooie foto van gemaakt, die ik jullie niet wil onthouden.

[Bodul, rechts]
Ik ben een freelance journalist die sinds 2004 werkzaam is in de sportjournalistiek. Ik schrijf, presenteer, treedt op in het theater, maar mijn 'claim to fame' blijft de wedstrijd die ik als jongen van achttien jaar jong in het eerste elftal van Willem II speelde. Voor de echte voetbalhistorici: ik was toen even teamgenoot van o.a. Sammi Hyppia (later aanvoerder van Liverpool FC), Earnest Stewart (ex-international USA) en John Feskens (Mister Willem II). Nu speel ik in een vriendenteam bij AFC in de tweede klasse zaterdag. Dit seizoen zou zomaar mijn laatste kunnen zijn.
| Ma | Di | Wo | Do | Vr | Za | Zo |
|---|---|---|---|---|---|---|
| << < | Current | > >> | ||||
| 1 | ||||||
| 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 |
| 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 |
| 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 |
| 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 | |